Presentaties: 5 dimensies (2)

Leren is een complex proces. Hoewel we nog niet helemaal begrijpen hoe leren in zijn werk gaat, is onze kennis van leerprocessen de laatste decennia wel enorm toegenomen. Op basis van leerpsychologisch en onderwijskundig onderzoek op breed terrein zijn inmiddels inzichten gegroeid die voldoende aanleiding geven om onze hedendaagse onderwijspraktijk eens kritisch tegen het licht te houden.

 


Dimensie 1:

Groep: Mart, Bram, Thijs, Marijn

 

Welke middelbare scholier heeft onthouden wat lössgrond is, wat de rol is van de Eerste Kamer en wat het verschil is tussen ongelegeerd en hooggelegeerd staal? Wellicht hij of zij die nu bodemonderzoeker, parlementariër en medewerker van Corus is. Als een onderwerp je interesseert, zal je je er meer in verdiepen. De grondgedachte van de eerste dimensie van Marzano, Motivatie, is: als leerlingen zin hebben in leren, zijn ze gemotiveerd.

De rol van de docent hierin is dat hij op een innovatieve manier met zijn leerlingen omspringt. Ook diegene die in eerste instantie niet veel met bepaalde lesstof heeft, moet bij de les worden gehouden. Dimensie 1 geeft strategieën, technieken, aanbevelingen en voorbeelden om zin in leren te krijgen, om gemotiveerd te worden en te blijven. Denk hierbij aan:

1. Een positieve houding t.a.v. school
de leerling voelt zich geaccepteerd en veilig

2. Duidelijke opdrachten
de leerling ervaart de leertaken als relevant

3. Strategieën om de betrokkenheid van leerlingen te vergroten

 

 

Reflectie presentatie dimensie 1:

Dit was onze eigen presentatie. Hier heb ik geen eigen beoordeling van.

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Dimensie 1

Omdat dit onze eigen presentatie was heb ik iets meer opgestoken van dit hoofdstuk dan de volgende. Ik heb geleerd dat leerlingen motivatie nodig hebben om goed te leren. Dit kan ik als docent proberen te stimuleren door veel verschillende en innovatieve lessen te maken. De leerling zal zich meer inzetten als de opdracht leuk is en nuttig is. Wat ik een erg belangrijk punt vond is een relevant onderwerp. Als de leerlingen niet weten waarom het relevant is dan snappen ze niet waarom ze het eigenlijk moet leren. Ik heb geleerd wat een klassenklimaat is. Een klassenklimaat is hoe de algemene sfeer is, kan de leerling goed zijn taken vervullen of houd iets hem tegen. Motivatie heeft hier ook mee te maken, als de leerling niet gemotiveerd is dan heeft dit invloed op het klassenklimaat.

De leerling wil tijdens de lessen ook dat de les boeiend is. Hierin moet de docent een rol spelen vind ik. De docent moet zijn uiterste best doen om een aantrekkelijke les te verzorgen.

 

 

 

Dimensie 2:

Groep: Annet, Eelco, Frank, Edwin

 

Leren is alleen betekenisvol als de nieuwe kennis aansluit bij bestaande kennis. Er zijn twee soorten kennis:

 

  • Procedurele kennis

Kennis betreffende leerprocessen, bijvoorbeeld het toepassen van een stappenplan, kaartlezen, experimenteren en het schrijven van een essay. In het aanleren van procedurele kennis kun je drie fasen onderscheiden:

  1. Het construeren van procedurele kennis. Drie basis types van procedures zijn algoritmes (stappen, staartdelingen kunnen maken in stappen), tactieken (regels voor het kunnen lezen van een grafiek) en strategieën (algemene regels voor probleemaanpak) Leerlingen kunnen helpen bij het aanleren van deze kennis door bijvoorbeeld analogieën te gebruiken en door hardop te vertellen wat je doet als leraar.
  2. Het vormgeven van procedurele kennis. Leerlingen leren door te doen en worden begeleid door de docent, die reflecteert op wat de leerling doet.
  3. Het internaliseren van procedurele kennis vindt plaats door iets zolang te doen dat het (haast) automatisch gaat. Nadruk op snelheid en nauwkeurigheid kan hierbij helpen.

  • Verklarende kennis

Verklarende kennis is kennis van feiten en die kunnen reproduceren/herhalen. In het aanleren van verklarende kennis kun je drie fasen onderscheiden:

  1. Het construeren van verklarende kennis. Je gebruikt bestaande/aanwezige kennis om betekenis te geven aan wat je aan het leren bent. Een populaire strategie is: Wat weet je al, wat wil je weten/leren, aangeven wat je geleerd hebt.
  2. Het organiseren van verklarende kennis. Je kunt leerlingen van te voren vragen geven om de informatie te organiseren. Je kunt ook gebruik maken van schema’s, grafieken en modellen
  3. Het opslaan van verklarende kennis. Succesvolle strategieën zijn hier het leggen van verbanden met oude kennis, het vertellen van verhalen over het onderwerp enz.

 

 

 

Reflectie presentatie dimensie 2:

 

Introductie was goed. Terugblik op het vorige onderwerp was verhelderend. Wat we duidelijk vonden was manier waarop je leerstof kon omzetten naar het langetermijngeheugen. Alleen het stuk over vakkennis en algemene kennis was een beetje vaag. Er werd gevraagd of we praktische voorbeelden wouden noemen. Maar we snapte niet echt wat jullie van ons wouden. De stof was wel erg leerzaam.

Annet: Het was goed en duidelijk. Ik zou proberen iets meer emotie erin te leggen. Het kwam een beetje monotoon over. De stof was wel chronologisch. let wel op dat je jezelf blijft richten in het publiek en zo min mogelijk naar andere punten.

Eelco: Veel interactie, goed gedaan dit trok veel aandacht van de klas. Goed punt om willekeurig mede studenten aan te wijzen voor de woordspin.

Frank: Het was een beetje rommelig. Het “laptop incident” verloor veel aandacht. Doordat jij rustig en kalm praat straat het rust uit. Misschien is dit soms jouw ondergang als je meer varieert qua stem hoogte trek je misschien 20 % meer aandacht, ik (Stefan) denk dat dit veel zal schelen.

Edwin: Wat je zelf ook al aangaf de leidraad was een beetje zoek. Nou moet ik wel zeggen dat het niet zo dusdanig storend was dat ik (Stefan) het niet meer volgde. Stem is wel duidelijk. 1 puntje, let op dat je je handen niet in je broekzak steekt (staat slordig).

 

 

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Dimensie 2

 

Ik heb geleerd over 2 types van kennis verwerven; Inhoudelijke kennis en vaardigheden.  In dimensie 2 heb ik veel gelezen over de manier waarop je inhoudelijke kennis beter kan stimuleren bijvoorbeeld het koppelen van nieuwe kennis aan bestaande kennis. Het koppelen van kennis houdt in dat je eerst terug gaat van wat eerder behandelt is. Het stimuleren van inhoudelijke kennis kan ik ook in mijn lessen toepassen door iets visueel weer te geven. Een wiskunde les kan bijvoorbeeld een stuk duidelijker gemaakt worden als je het in de klas laat zien in de vorm van appels en peren.

Wat ik erg leerzaam vond was dat leerlingen het beste iets leren als het in schema’s staat. In het schema kunnen de leerling makkelijk herkennen waar het over ging en zien in de 2de stap in het schema de betekenis. Hierdoor onthoud de leerling sneller waar het overging en kan het makkelijk terug vinden. In dit hoofdstuk staat ook een aantal vormen van inhoudelijke kennis. Hier wist ik vrij weinig van maar het is me uiteindelijk een stuk duidelijker geworden.

 

 

 

 

 

Dimensie 3:

Groep: Cora, Marchello, Boris, Casper

 

Zoals al in dimensie 2 te lezen is, kan kennis niet zomaar in het geheugen worden opgeborgen om er daarna weer uit opgehaald te worden. We zijn constant bezig kennis uit te breiden en te verdiepen. Zo wordt kennis wendbaar en kan het gebruikt worden in de wereld om ons heen.

Dimensie 3 gebruiken betekent kortweg denkvaardigheden toepassen. Een overzicht van de acht denkvaardigheden van dimensie 3:

 

Vergelijken

Het vinden van overeenkomsten en verschillen van bepaalde criteria

Classificeren

Groeperen in categorieën op basis van kenmerken

Abstraheren

Het ontdekken van een onderliggend thema of patroon in informatie

Inductief redeneren

Algemene conclusies trekken op basis van observatie en analyse

Deductief redeneren

Algemene regels toepassen op specifieke situaties en daarover een uitspraak doen

 

Stellingen onderbouwen

Bewijzen/of ondersteuning opbouwen voor een redenering

Fouten analyseren

Fouten opsporen in het eigen en/of andermans denkproces

 

Denken over normen en waarden

Denken over de eigen meningen, normen en waarden en die van anderen

Een voorbeeld van dimensie 3 bij scheikunde:

Classificeer de elementen van het periodiek systeem in vaste stoffen, vloeibare stoffen en gassen (op kamertemperatuur). Dat is de ‘gewone’ kennis. Maak nu een classificatiesysteem dat hiervan verschilt. Leerlingen moeten nu heel andere kennis gebruiken (bijvoorbeeld economisch belang, gemakkelijk / moeilijk te winnen of waardevol).

 

 

Reflectie presentatie dimensie 3:

Algemene indruk was een beetje rommelig. De inhoud was ons bij sommige presentatoren wel duidelijk bij andere niet. wij denken dat jullie de opbouw misschien beter konden structureren.

 

Cora: We konden zien dat door de zenuwen een deel van de presentatie een beetje vast liep. Probeer ook iets uit de schelp te komen. Daarmee bedoelen we probeer je krachtiger op te stellen. Je stem zakt soms weg. Probeer er meer power in te gooien. Probeer ook levendig te praten. Doordat je waarschijnlijk vrij zenuwachtig was praat je een beetje monotoon. Tip: je had op het bord een schema getekend waarin 1 woord stond wat half door het wolkje heen stond.

Probeer het schema andersom op te schrijven eerst de tekst en daarna het wolkje pas tekenen.

Marchello: We snapte wat jij duidelijk wou maken alleen voor ons duurde het schema met de vergelijking te lang. Ongeveer 50 % van onze aandacht ging ergens anders heen. Je stem geluid is verbeterd. Maar de Nederlandse taal blijft een puntje. Probeer je vooral te focussen op de lidwoorden en voorzetsels deze haal je nog wel is door de war en de uitspraak natuurlijk.

Boris: Het filmpje was geweldig! Dit was echt een eyecatcher. De PowerPoint was goed, goede functionele plaatjes. De manier van spreken was levendig. Let alleen op dat je soms iets te snel wil praten.

Casper: Gewaagde poging om het zonder PowerPoint te doen. Het was goed idee om een keer te experimenteren met de manier van stof overbrengen. We vonden het wel goed alleen op een geven moment stond je voor te lezen. En voorlezen is dodelijk de aandacht vliegt de deur uit. We hadden eigenlijk meer verwacht want we hebben van jou beter gezien.

 

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Dimensie 3

In dimensie 3 gaat het over denkvaardigheden en leerstrategieën. Wat ik erg interessant vond was het toe passen van denkvaardigheden. In mijn lessen heb ik hier niet bij stil gestaan. Ik wil in de toekomst duidelijk een beeld hebben hoe ik kennis aan de leerlingen wil brengen. Ik ben van mening dat classificeren de beste denkvaardigheid is. Als de leerling de kennis herkent in een bepaalde groep zal hij het beter de link kunnen leggen aan verschillende onderwerpen. Dit leert voor de leerlingen een stuk makkelijker en overzichtelijker.

 

 

 

Dimensie 4:

Groep: Ilona, Raymond

 

Een leerling heeft een spelcomputer gekocht en verheugt zich nu al op dat nieuwe spel dat hij al heel lang wil spelen. Om dat spel te spelen, moet hij eerst de werking van de computer begrijpen en daarna ontdekken hoe het spel gaat. De leerling zal zijn ervaring van eerder gespeelde spellen toepassen en zich beroepen op zijn basiskennis van spelcomputers – uiteindelijk wil hij het nieuwe spel spelen, en winnen. In de klas is het niet anders. Je moet een leerling leren ‘ontdekken’ op basis van de voorkennis.

Onderzoek plegen motiveert, creëert betrokkenheid, is vaak leerling gestuurd en wordt zelfstandig, vaak samen met anderen, uitgevoerd. Leerlingen ervaren dat het om hun ‘eigen’ onderzoek gaat: zij zijn zelf verantwoordelijk voor een positief eindresultaat.

Bij het onderzoekend leren gebruiken leerlingen zowel kennis uit dimensie 2 (inhoudelijke kennis en vaardigheden) als uit dimensie 3 (de hogere denkvaardigheden). De kennis uit dimensies 2 en 3 is altijd nodig voor het producerend leren dat in feite in deze dimensie wordt behandeld.

Presenteren, reflecteren, samenwerken en communiceren in relatie tot toepassing van kennis: daar gaat het in deze dimensie om.

 

Reflectie presentatie dimensie 3:

Algemene indruk was goed. Duidelijk verhaal ook chronologisch. Alleen jammer dat er geen PowerPoint aanwezig was. Dit blijft natuurlijk leuk om na te kijken.

Ilona: Ilona je was erg goed. we konden zien dat je minder zenuwachtig was ook al gaf je zelf aan dat je het wel was. Duidelijke verhaal ook goed opgebouwd. Probeer wel wat meer met je stem te spelen, laat soms wat verschillende toonhoogtes horen dit maakt het wat aantrekkelijker. Maar het was niet monotoon.

Raymond: Raymond soms ben je wel komisch ( klassenklimaat en de link warm of koud weer ahahahah) Ik moet wel zeggen dat je deze keer wat professioneler over kwam. Duidelijke taal en een goede houding. Alleen let op je verklein woorden ( tje en ie, een boekie).

 

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Dimensie 4

 

Ik heb geleerd dat het leuker is om leerlingen in een groep een onderzoek te laten doen. Je heb voor deze onderzoeken 8 verschillende vormen:

Beslissen. ( Leerlingen moeten zelf beslissingen nemen in het onderzoek; zoals, wat is de beste manier om ….. hoe kunnen we dat aan pakken?.)

Probleem oplossen. ( De docent geeft een probleem en de leerlingen moeten onderzoek doen hoe ze het op moeten lossen.)

Ontwerpen uitvinden.  ( De leerlingen een ontwerp laten zien en aan hun de taak geven om het te verbeteren.)

Experimenteel onderzoek. ( Het analyseren van een voorgedaan experiment. Bijvoorbeeld het laten vallen van een steen.)

Definitie onderzoek. ( het uit kristalliseren van een vaag begrip. Bijvoorbeeld het mooie gras. Wat is precies mooi en waaraan moet mooi gras voldoen.)

Historisch onderzoek. ( het onderzoeken naar een begrip wat in het verleden gebeurt is en daaruit conclusies trekken. Bijvoorbeeld hoe kon de tweede wereld oorlog ontstaan.)

Scenario onderzoek. ( het op zetten van een “wat als” scenario. Bijvoorbeeld wat als Hitler wel de tweede wereld oorlog had gewonnen.)

Systeemanalyse.  ( het bekijken en het bestuderen van een systeem. Bijvoorbeeld van Windows. Hier wordt dan gekeken naar wat is de functie van Windows? Hoe sluit het aan op andere programma’s en wat zijn de toepassingen.)

 

Ik heb ook geleerd dat leerling sneller leren als dit soort onderzoeken schematisch weergeven. De stof blijft beter hangen als de leerling het kan visualiseren en herkennen.

 

 

 

Dimensie 5:

Groep: Stefan, Ibrahim, Roy, Johan

 

Laat een onzekere leerling die niet zo sterk is in rekenen, een moeilijke som maken zonder dat je verder uitleg geeft. Tien tegen één dat hij vraagt: ‘Dat moet ik toch zo doen? Doe ik dit goed? En de uitkomst is ¿ klopt dat?’ Geef dezelfde som als onderdeel van een bouwproject (bijvoorbeeld een tuinhuisje voor de schooltuin) waar de hele klas aan meewerkt en zeg erbij: ‘Kijk hoe je het gisteren hebt gedaan. Bestudeer het stappenplan nogmaals en doorloop dan deze som. Je resultaat hebben we nodig voor het dak van het tuinhuisje.’

De leerling zal nu op een andere manier te werk gaan. Leerlingen die zich bewust zijn van hun leren en nadenken over wat ze aan het doen zijn, zijn betere leerders dan leerlingen die nooit ‘naar binnen’, maar alleen ‘naar buiten’ kijken. Deze leerders denken bijvoorbeeld wellicht dat een taak te moeilijk is, in plaats van dat ze nadenken over hun eigen aanpak om die vervolgens bij te stellen. Leerlingen leren van hun fouten.

Dimensie 5 kent drie reflectieve denkgewoontes:

1. Kritisch denken

Ben ik precies en accuraat?

Ben ik helder en duidelijk?

Kijk ik naar verschillende mogelijkheden?

 

2. Creatief denken

Heb ik wel doorgezet?

Heb ik wel het uiterste uit mezelf gehaald?

 

3. Zelfregulatie en zelfsturing

Heb ik een goede planning gemaakt?

Heb ik de goede bronnen en materialen gebruikt?

Ben ik goed omgegaan met feedback?

 

 

Reflectie presentatie dimensie 5:

 

Het was een hoofdstuk waarvan wij allemaal zeiden dat we het een saai hoofdstuk vonden om te lezen. Stefan, Roy en Ibrahim wisten het toch leuk te brengen. Johan was afwezig i.v.m. persoonlijke zaken.

 

Stefan: Je sprak duidelijk en op een goed snelheids/ geluids niveau. Het verhaal kwam goed over echter vonden wij dat je wel erg in detail vertelde waardoor het nogal uitgebreid werd. Al om al goed gedaan. Een plus punt was dat je ook zonder voorbereiding het deel van Johan erbij deed.

Roy: We zagen dat je zenuachtig was en dat merkte je voornamelijk aan de trekjes die jij vertoont in je gezicht en ademhaling. Het was wel een duidelijk verhaal

Ibrahim: De presentatie kwam nogal rommelig over. Ook blijf je zoeken naar de Nederlandse woorden. Hierdoor wordt je als beluisteraar van de presentatie nogal afgeleid.

 

 

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Dimensie 5

Het belangrijkste van dimensie 5 is dat leerlingen beter leren als ze het leerdoel goed reflecteren. Waarom heb ik het zo gedaan? Want kan ik anders doen? Dit soort vragen moet een leerling zichzelf afvragen om een goed leerproces te ontwikkelen. De leerling kan op drie manieren reflecteren:

  • Kritisch reflecteren
  • Creatief reflecteren
  • Zelfregulerend reflecteren.

Waar ik veel van geleerd heb is het schema hoe je een reflectie moet stimuleren bij leerlingen. En hoe je dit zelf moeten aanpakken als docent.

Hieronder is het schema te zien.

 

Stap 1: Welke doelen stel ik op het gebied van reflectie?

Welke reflectieve denkgewoontes wil ik aanleren? Welke doelen houden verband met een specifiek stuk leerstof?

Stap 2: Wat ga je globaal doen om…. ?

Wat ga je doen om die doelen te bereiken? Hoe deel je de verantwoordelijkheid met leerlingen?

Stap 3: Kies de strategieën die je wilt inzetten.

Kies de strategieën en plan ze in je lessenplan: week 1 doe je dit, week 2 etc. Schrijf je strategieën in de werk-/studiewijzer.

Stap 4: Bespreek deze strategieën met leerlingen

Plan een discussie met leerlingen over nut, doelen en aanpak in je werk/studiewijzer

Stap 5: leerlingen zijn verantwoordelijk

Plan in hoe je wilt dat leerlingen eigen verantwoordelijkheid nemen voor de eigen reflectie. Bijvoorbeeld : leer hen dat zij bij een taak altijd opschrijven wat zij daarvan geleerd hebben over hun eigen leren.

Stap 6: evaluatie

Evalueer je inspanningen en de inspanningen van de leerlingen gezamenlijk. Maak afspraken voor een volgende keer.

 

 

 

Effectief leren en directe instructie, Ebbens

Groep: Jaap, Peter en Akke

De vijf belangrijkste kenmerken van directe instructie.

  1. help leerlingen om belangstelling voor het onderwerp te ontwikkelen en geef leerlingen heldere doelen en richtlijnen.
  2. Maak nauwgezette gestructureerde oefeningen en begeleidt deze.
  3. Help leerlingen om de nieuwe informatie goed te begrijpen en te koppelen aan bestaande cognitieve schema’s die leerlingen al bezitten.
  4. vraag leerlingen het geleerde samen te vatten dus, het koppelen van nieuwe en oude kennis.
  5. Rond het geheel af. Doe dit door middel van vraag en antwoord.

Belangrijk is dat de aangeboden informatie goed aansluit bij de voorkennis van de leerlingen. Die kennis moet voor de leerling relevant zijn. Het uiteindelijke doel van informatieverstrekking is dat leerlingen de stof kunnen gebruiken in situaties die er toe doen.

Voor een helderdere informatieverwerking dien je de les gestructureerd en overzichtelijk in te delen.

Voorafgaande aan de les stel je heldere en betekenisvolle doelen. Je maakt een taakanalyse waarna je gaat bedenken wat je daadwerkelijk gaat doen in de les.

- tijdens de les
Dien je de aandacht op de doelen van de lessen te richten. Aansluitend bij de voorkennis
Leerlingen voorzien van informatie en voordoen van de belangrijkste elementen.
Nagaan of de belangrijkste begrippen en terugkoppeling zijn overgekomen.
Instructie geven op zelfwerkzaamheid van leerlingen.

Een docent die leerlingen wil stimuleren om betekenis aan lesdoelen te geven zou zich de volgende vragen kunnen stellen.

  • bij welke voorkennis en ervaringen van de leerling sluit dit lesdoel aan
  • waar is zinvol gebruik van de lesdoel op korte termijn mogelijk
  • voor welke andere vakken is dit lesdoel ondersteunend
  • komt dit lesdoel voort uit beroeps eisen? Zo ja, hoe kan ik dat waarmaken voor leerlingen
  • als het lesdoel louter is voor het examen en verder nergens voor zegt dan tegen de leerlingen en leg het zo effectief mogelijk uit.

De zes factoren voor motivatie zijn:

  1. succes ervaren
  2. individuele aanspreekbaarheid
  3. kennis van de resultaten
  4. betekenis geven
  5. interesse in de leerling en veiligheid
  6. positieve benadering

 

Reflectie presentatie Effectief leren en directe instructie:

Gehele presentatie een duidelijk verhaal alleen door de complexiteit van de prezi verloor ik visueel een beetje het overzicht. Maar dat is heel persoonlijk denk ik.

Peter: Je staat erg ontspannen voor de klas en hebt een goed verhaal. Door de variatie in je stem houd je de aandacht goed vast. Er hangt een soort air van vrolijkheid om je heen die ik erg prettig vind. Hierdoor kom je af en toe wel wat nonchalant over. Of dit iets slechts is, is voor jou om te bepalen.

Jaap: Ook jij hebt een goed en duidelijk verhaal. Altijd goed te verstaan en je bent duidelijk bezig je stem gevarieerd in te zetten. Als het iets drukker is ga je zachter praten waardoor je de aandacht van de klas op je vestigt. Iedereen wil blijkbaar toch horen wat je zegt. Ik zou het nog prettiger vinden om naar je te luisteren als je ook in toonhoogte een beetje meer zou variëren.

Akke: Je bent altijd heel zakelijk. Ik vind dit vaak prettig, ik hou niet zo van veel zijpaadjes in een verhaal, maar tijdens een lang verhaal zou je misschien iets meer kunnen proberen om je publiek er bij te houden. Verder zit ik altijd met bewondering te kijken naar jouw professionaliteit.

 

 

Wat heb ik geleerd van de presentatie : Effectief leren en directe instructie

Het hoofdbestanddeel van dit hoofdstuk is voor mij toch echt het stuk dat gaat over motivatie, indien een les niet met een duidelijk doel is opgezet verliezen de leerlingen hun motivatie. Er worden veel manieren aangeboden om leerlingen te motiveren. Zo vind ik de individuele aanspreekbaarheid erg belangrijk voor de motivatie. Als niet iedereen mee kan doen in een vraaggesprek of soms zelfs op een antwoordenblad van een toets werkt dit zeer demotiverend. Ik merk dat als ik een toets of een werkblad maak, ik er niet genoeg bij stil sta dat iedereen zich aangesproken of aangetrokken moet voelen door de stof. Verder denk ik dat het geven van positieve feedback, en positieve prikkels zijn doorwerking hebben op de hele klas.

 

 

 

Bronnen:

http://onderwijs.vkbanen.nl

http://histoforum.digischool.nl/bibliotheek/leren.htm

http://www.portfolio.peterlakeman.nl/?p=857

Geef een reactie

WP Like Button Plugin by Free WordPress Templates